< Terug naar overzicht van deze nieuwsbrief

Jaargang 2015 - oktober, 7 juli 2016

Meldingsformulier opting out leerwegondersteunend onderwijs

Zoals in onze vorige nieuwsbrief (juni 2015) is aangekondigd, bevat deze nieuwsbrief het meldingsformulier voor opting out landelijke criteria en licenties leerwegondersteunend onderwijs (lwoo). Vooruitlopend op het loslaten van de landelijke criteria en duur van lwoo en de lwoo-licenties op 1 augustus 2018, kunnen samenwerkingsverbanden voortgezet onderwijs (vo) per 1 januari 2016 kiezen voor opting out. Hiermee kunnen zij afwijken van de regels voor de vaste indicatiecriteria voor lwoo en de lwoo-licenties.

Formulier uiterlijk 15 december 2015 retourneren
Inmiddels heeft elk vo-samenwerkingsverband een brief van ons ontvangen met daarbij het meldingsformulier. Hiermee geeft het samenwerkingsverband aan of het kiest voor opting out. Daarnaast moet het samenwerkingsverband in dit formulier aangeven welke vorm van opting out het kiest en aantonen dat alle schoolbesturen met een vestiging in het samenwerkingsverband akkoord zijn met een of beide vormen van opting out.
We verzoeken ieder vo-samenwerkingsverband om het formulier uiterlijk 15 december 2015 ingevuld per post terug te sturen, ook als er niet gekozen is voor opting out.

Ook melden bij DUO
Als u kiest voor opting out van lwoo-licenties, dan moet u dit ook uiterlijk 15 december 2015 melden bij DUO. Via een apart formulier van DUO meldt u welke scholen uw samenwerkingsverband voordraagt voor een lwoo-licentie.

Aangepast ondersteuningsplan uiterlijk 15 december 2015 insturen
In verband met de inpassing van leerwegondersteunend - en praktijkonderwijs (lwoo/pro) in het samenwerkingsverband past u het ondersteuningsplan aan. 15 december 2015 is ook de uiterste inzenddatum voor het aangepaste plan. Het inzenden doet u door het ondersteuningsplan te uploaden naar het Internet Schooldossier (ISD). In het aangepaste ondersteuningsplan licht u tevens toe hoe u opting out gaat invullen:
- Bij opting out van de criteria, procedure en duur van de toewijzing vanlwooneemt u in het ondersteuningsplan op welke criteria en procedure u vaststelt en wat de duur is van de toewijzing van lwoo.
- Bij opting out van lwoo-licenties neemt u in het plan op onder welkevoorwaarden scholen in aanmerking komen voor een lwoo-licentie.

Transparantie naar ouders en leerlingen
Het is van belang dat samenwerkingsverbanden transparant zijn naar ouders en leerlingen over de deelname aan opting out, de criteria, duur van de toewijzing van lwoo en het dekkende aanbod van ondersteuningsvoorzieningen in het samenwerkingsverband.

Advisering door twee deskundigen
Een samenwerkingsverband is, ook als de criteria worden losgelaten, bij de toewijzing van lwoo verplicht zich te laten adviseren door ten minste twee deskundigen. De eerste deskundige is altijd een orthopedagoog of psycholoog. Als tweede deskundige kan het samenwerkingsverband bijvoorbeeld een vmbo/pro-deskundige betrekken.

Later starten met opting out
Samenwerkingsverbanden die niet meteen op 1 januari 2016 willen starten met opting out lwoo, hebben de mogelijkheid om een jaar later te starten. Het gaat dan om het toewijzen van lwoo voor het schooljaar 2017/2018.

Meer informatie over de inpassing van lwoo/pro en opting out

Invulling kwaliteitsonderzoek risicogericht toezicht

Zoals wij in onze nieuwsbrief van juni meldden, gaat het toezicht op de samenwerkingsverbanden met ingang van 1 augustus 2016 een nieuwe fase in: het risicogericht toezicht. Risicogericht toezicht beperkt de toezichtlast voor de samenwerkingsverbanden. De inspecteurs onderzoeken een samenwerkingsverband alleen als dat verband wellicht risico’s loopt vanuit zijn context. Tot die context rekent de inspectie de kenmerken van een samenwerkingsverband waarop het bestuur van het verband zelf geen of geen directe invloed heeft, maar waarmee het wel terdege rekening moet houden. Te denken is bijvoorbeeld aan vereveningsverschillen, demografische krimp, eerder gegeven inspectieoordelen over de scholen binnen het samenwerkingsverband en de deskundigheid van de leraren op het gebied van het geven van extra ondersteuning.

Ook als een samenwerkingsverband is geselecteerd, beperken de inspecteurs omvang en inhoud van de onderzoeken tot een werkwijze die past bij de ontwikkeling van dat samenwerkingsverband (‘maatwerk’). Deze maatwerkonderzoeken leiden minimaal tot een vaststelling van eventuele tekorten, maar zegt ook iets over wat goed is en wat beter kan. Samenwerkingsverbanden waarmee de inspectie in 2015/2016 een of meer voortgangsgesprekken voert, komen niet in aanmerking voor deze kwaliteitsonderzoeken. Samenwerkingsverbanden die wel geselecteerd zijn, worden voor 1 november door de inspectie benaderd.

Twee onderzoeksdagen
In de periode december 2015 – juni 2016 bezoekt de inspectie dertig samenwerkingsverbanden (15 po, 15 vo) voor een kwaliteitsonderzoek. In tegenstelling tot de afgelopen jaren plannen we dit jaar twee onderzoeksdagen: een dag voor rondetafelgesprekken met betrokkenen uit en rondom de scholen van het samenwerkingsverband, en een dag voor gesprekken met betrokkenen van het samenwerkingsverband (bestuursgesprek). Op deze wijze leggen we een verband tussen de activiteiten van het samenwerkingsverband en de ervaringen van scholen.

Verzoek medewerking vragenlijst zelfevaluatie

De inspectie gaat een vragenlijst ontwikkelen waarmee samenwerkingsverbanden zichzelf kunnentoetsen aan het ‘waarderingskader samenwerkingsverbanden passend onderwijs po/vo’ (onderdeel van het toezichtkader 2013). Een ingevulde vragenlijst biedt een samenwerkingsverband ondersteuning bij zijn eigen kwaliteitszorg, omdat het een overzicht geeft van zijn functioneren in relatie tot het waarderingskader. We verzamelen de gegevens om in een later stadium een benchmark te creëren, zodat het ook voor samenwerkingsverbanden mogelijk zal zijn om het verband te vergelijken met andere samenwerkingsverbanden. Dit levert waardevolle informatie op voor het eigen kwaliteitszorgsysteem.

Om tot een goede vragenlijst te komen zijn we op zoek naar samenwerkingsverbanden die mee willen werken aan de ontwikkeling van deze vragenlijst (klankbordgroep). De investering die dit vraagt, is beperkt en kan volledig digitaal. Als u zich aanmeldt, dan ontvangt u van ons aanvullende informatie en een conceptversie van de vragenlijst. Na het invullen van de lijst, willen we ook graag uw feedback, zowel op de inhoud als op de vorm. Deze feedback nemen we mee in de uiteindelijke versie van de vragenlijst.

Als u interesse heeft om mee te werken aan de ontwikkeling van deze vragenlijst, dan kunt u (tot 21 oktober 2015) een e-mail sturen aan mevrouw Vrenken: e.vrenken@owinsp.nl.

Melden verzuim, schorsing en verwijdering op een opdc

Als een leerling van een orthopedagogisch-didactisch centrum (opdc) verzuimt, wordt geschorst of verwijderd, dan is de vo-school waar de leerling blijft ingeschreven als hij op een opdc wordt geplaatst, verantwoordelijk voor het melden aan de inspectie van verzuim, schorsen en verwijderen. De regelgeving voorziet er niet in dat het opdc dit zelf kan doen. De registratie verloopt dan dus via het ISD van de vo-school waar de leerling is ingeschreven.

Mag een school een leerling weigeren omdat de school vol is?

Een school mag een leerling weigeren als de school vol is. Maar, een school moet altijd een consequent en transparant toelatingsbeleid voeren. Daarbij hoort dat het toelatingsbeleid ook voor de ouders toegankelijk is.

Transparant toelatingsbeleid
De school kan bijvoorbeeld in de schoolgids en/of op de website van de school een toelichting geven over het beleid. Wanneer er te veel aanmeldingen zijn, moet de school op een transparante wijze handelen. Als de school vol is, moet het voor ouders duidelijk zijn hoeveel plaatsruimte er op de school is en hoeveel aanmeldingen er zijn. Ook moet voor ouders altijd transparant zijn dat de aanmelding van hun kind op gelijke wijze is behandeld als alle andere aanmeldingen. De school kan bijvoorbeeld loting toepassen of de eerste aanmeldingen plaatsen en daarna werken met een wachtlijst. De school mag ook voorrangsregels toepassenvoor bepaalde postcodegebieden ofzoals broertjes-zusjes-regelingen.

Niet toegestaan beleid
Beleid dat leerlingen met extra ondersteuningsbehoefte benadeelt ten opzichte van overige leerlingen, is niet toegestaan. Ook niet toegestaan is bijvoorbeeld beleid dat een maximum stelt aan de toelating van het aantal leerlingen dat extra ondersteuning nodig heeft, of beleid dat erop is gericht om voorrang te geven aan leerlingen zonder extra ondersteuningsbehoefte.

Als een school vol zit en ouders melden hun kind (schriftelijk) aan, dan heeft het schoolbestuur geen zorgplicht in het kader van passend onderwijs voor deze leerling. Ook niet als het schoolbestuur de leerling op een wachtlijst plaatst. Maar het mag nooit zo zijn dat een samenwerkingsverband geen passende plaats biedt aan een leerling met extra ondersteuningsbehoefte. Er is dan namelijk geen sprake van een dekkend ondersteuningsaanbod.

Over de vernieuwing in het onderwijstoezicht

Het onderwijs verandert, het toezicht verandert mee

Het onderwijs ontwikkelt zich voortdurend, en de maatschappelijke omgeving verandert. Daarom wordt ook het onderwijstoezicht de komende jaren vernieuwd. Momenteel vindt politieke besluitvorming plaats over een nieuwe Wet op het onderwijstoezicht. Parallel daaraan beproeft de inspectie vernieuwde toezichtsvormen.

Het nieuwe toezicht dat wij voorzien vanaf augustus 2017 in te invoeren, is gebaseerd op twee pijlers: stimuleren en waarborgen. Als inspectie willen we stimuleren dat besturen en scholen stelselmatig werken aan de verbetering van het onderwijs. Zo’n kwaliteitscultuur, daar draait het om. Daarbij willen wij meer aansluiten op informatie die al over scholen aanwezig is. Daarnaast blijven we er onverminderd op toezien dat alle leerlingen en studenten onderwijs krijgen van voldoende kwaliteit.

Colofon

Inspectie van het Onderwijs
Postbus 2730
3500 GS Utrecht
Vragen over of reageren op de nieuwsbrief? Mail het Loket Onderwijsinspectie.