< Terug naar overzicht van deze nieuwsbrief

Jaargang 2015 - september, 7 juli 2016

De Inspectie van het Onderwijs houdt toezicht op alle Nederlandse scholen in het buitenland en afstandsinstellingen voor Nederlands onderwijs in het buitenland, die in aanmerking komen voor ondersteuning door de overheid via de Stichting Nederlands Onderwijs in het Buitenland (NOB). Alle besturen van Nederlandse scholen in het buitenland ontvangen twee keer per jaar een nieuwsbrief van de inspectie.

Ontwikkelingen in het toezicht in Nederland

In het najaar vinden in Nederland enkele debatten plaats over de invulling van het toezicht in de nabije toekomst. Daarbij zijn twee (uiteenlopende) bewegingen zichtbaar. In een brief aan de Tweede Kamer 'toezicht in transitie' van maart 2014 zijn veranderingen in het toezicht aangekondigd. Op basis daarvan zijn in het voorjaar van 2015 pilot-bezoeken uitgevoerd, die door het veld met enthousiasme zijn ontvangen vanwege de meer open benadering. De inspectie geeft daarbij ook de kwalificatie 'goed' aan scholen en beoordeelt aan de hand van zogenoemde portretten en niet meer met afzonderlijke indicatoren. Tegelijkertijd is in juni 2015 in de Tweede Kamer de eerste termijn van de initiatiefwet Bisschop behandeld, waarbij onderscheid wordt gemaakt in wettelijke en niet wettelijke eisen. De tweede termijn bespreking was op 24 september. De verdere behandeling van deze initiatiefwet vindt in het najaar van 2015 plaats. Bij het toezicht op het Nederlands onderwijs in het buitenland wachten we deze ontwikkelingen af. Vooralsnog gelden de bestaande toezichtkaders.

Toezicht op Nederlands taalonderwijs voor peuters

De inspectie oordeelt nog niet over het Nederlandse taalonderwijs aan peuters. De inspectie neemt alleen een beschrijvende passage op in het inspectierapport als een school ook Nederlands aan peuters aanbiedt.

De inspectie kijkt daarbij naar:
- wijze van organisatie (bestuur, aansturing, personeel, relatie met de school, etc.)
- fysieke omstandigheden (beschikbaarheid en inrichting van de ruimte en buitenruimte, aantal leerlingen, ratio leidsters/assistenten, etc.)
- frequentie: hoe vaak en hoeveel uur (uren) per week
- invulling programma: doelstelling, wat wordt er gedaan, werkt men bijvoorbeeld aan de hand van een peuterprogramma, doorgaande lijn naar de kleutergroepen
- wijze waarop de (taal-)ontwikkeling wordt bijgehouden en wat hiermee wordt gedaan
- contacten met ouders

Verplichte centrale eindtoets basisonderwijs in Nederland, vervolginformatie

In de vorige nieuwsbrief (nr. 11, februari 2015) las u al over de eindtoets basisonderwijs. Vanwege het belang herhalen we deze informatie, tevens omdat er wat aanvullingen zijn.

De eindtoets basisonderwijs is met ingang van 2015 in Nederland verplicht geworden voor alle scholen en voor bijna alle leerlingen. Alleen bij uitzondering hoeven leerlingen niet mee te doen.

Meer informatie hierover vindt u op de website van het College voor Toetsen en Examens en op www.centraleeindtoetspo.nl . U kunt ook de brochure 'De centrale eindtoets PO' downloaden. En op www.nieuweregelgevingovergangpo-vo.nl geven de PO-raad en VO-raad gezamenlijk informatie over de centrale eindtoets en de toelatingsprocedure.

De verplichting van deelname aan de eindtoets geldt niet voor de Nederlandse scholen in het buitenland. De volledige dagscholen mogen wel meedoen aan de verplichte centrale eindtoets. Voor NTC-scholen geldt deze mogelijkheid in principe niet, omdat het gevolgde onderwijsaanbod niet representatief is voor wat de toets meet. Het is ook niet mogelijk alleen het taalgedeelte van de centrale eindtoets af te nemen, zoals dat bij de Cito-eindtoets wel het geval was. NTC-scholen hebben natuurlijk wel de mogelijkheid om gebruik te maken van landelijk genormeerde toetsen uit hun leerlingvolgsysteem, zoals bijvoorbeeld de M-toetsen van het Cito-LOVS voor groep 8.

Toelating van leerlingen in het voortgezet onderwijs op een school in Nederland vindt plaats op basis van het basisschooladvies. Dit advies wordt vóór afname van de eindtoets afgegeven. Het advies kan door de basisschool naar boven worden bijgesteld als de resultaten op de eindtoets daartoe aanleiding geven. Als er een advies van de (volledige) basisschool ligt dat is gebaseerd op een eindtoets, zijn scholen voor voortgezet onderwijs verplicht dit advies over te nemen, zonder aanvullend onderzoek of het formuleren van aanvullende criteria.
 
Het basisschool advies is ook uitgangspunt voor toelating als er geen resultaat van de centrale eindtoets beschikbaar is. Omdat bij NTC-scholen sprake is van een in Nederland vaak onbekende situatie, is het voor deze scholen het beste een warme overdracht met extra uitleg en informatie te regelen. Bij ontbreken van een eindtoetsgegeven mogen scholen voor voortgezet onderwijs wel zelf aanvullend onderzoek doen.

NTC-VO

De inspectie ziet regelmatig dat NTC-scholen op inhoudelijke gronden aarzelen om zich voor het NTC-voortgezet onderwijs aan te sluiten bij de Stichting NOB en om eventueel subsidie aan te vragen. Een van de redenen is dat men soms denkt dat er dan met de Nederlandse methoden moet worden gewerkt. Het gebruik van Nederlandse methoden is echter geheel vrij. Het belangrijkste is de eis dat de aansluiting met Nederland blijft gewaarborgd. Als bijvoorbeeld binnen het Middle Years Programme (MYP) van het IB-curriculum in thematische vorm ook het vak Nederlands wordt gegeven, zijn de leerlijnen richting het Diploma Programma doorgaans zodanig dat ook bij tussentijdse terugkeer van een leerling de aansluiting met het onderwijs in Nederland geen gevaar loopt. Ook het MYP-programma beweegt zich namelijk op het niveau van havo/vwo, al zullen qua vormgeving en inrichting andere accenten worden gelegd. Het gaat bij het realiseren van de aansluiting op het onderwijs in Nederland dus meer om de leerlijnen en leerinhouden dan om de gebruikte materialen. Dat alles geldt evenzeer voor het gebruik van landelijk genormeerde toetsen voor Nederlandse taal in de eerste leerjaren. Als deze toetsen ontbreken, hoeft dat nog geen beletsel te zijn voor het verkrijgen van subsidie.

De Stichting NOB kan u nader informeren over de precieze voorwaarden om in aanmerking te komen voor aansluiting en het eventueel verkrijgen van subsidie NTC-VO.

Planning inspectiebezoeken

De inspectie heeft schoolbezoeken voor het resterende deel van dit kalenderjaar 2015 gepland. De planning wordt uitgevoerd zoals met de individuele scholen is of wordt gecommuniceerd.

Tevens is de planning van de inspectieonderzoeken voor de eerste helft van 2016 op hoofdlijnen gereed. Tijdens de bijscholing 2015 van de NOB is voor zover mogelijk gesproken met de aanwezige vertegenwoordigers van deze scholen. Zoals altijd is de planning onder voorbehoud van onverwachte omstandigheden. Vragen over de planning kunt u mailen naar buitenland@onderwijsinspectie.nl.

Wist u dat

-  … u zich gratis kunt abonneren op de nieuwsbrieven van de inspectie, bedoeld voor het onderwijsveld in Nederland? De inspectie geeft in de nieuwsbrieven uitleg over het toezicht in Nederland en veranderingen daarin. Er zijn afzonderlijke nieuwsbrieven voor primair onderwijs, speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs.

- … in veel schoolgidsen nog niet de juiste gegevens van de inspectie zijn opgenomen?

Inspectie van het Onderwijs, afdeling Buitenland
Postbus 88
5000 AB Tilburg
Nederland
Telefoonnummer Vertrouwensinspectie: 0031 30 670 6001
Ouders kunnen vragen stellen over toezicht op het onderwijs in het buitenland via: 0031 77 46 56 767.
Besturen en scholen kunnen gebruikmaken van telefoonnummer: 0031 30 6706060.

Team Buitenland

Het team Buitenland van de Inspectie van het Onderwijs bestaat uit de volgende personen: teamleider/inspecteur Martin Uunk, inspecteurs Inge Drewes, Daisy Hombergen en Riekent van den Dolder. Dianne Bruijns en Tanya Winter zijn werkzaam als medewerker toezicht voor team Buitenland op het kantoor in Tilburg.
 
Vragen aan Team Buitenland? Mail deze aan buitenland@onderwijsinspectie.nl.

Colofon

Inspectie van het Onderwijs
Postbus 2730
3500 GS Utrecht
Vragen over of reageren op de nieuwsbrief? Mail het Loket Onderwijsinspectie.