Nieuwsbrieven & e-mailattenderingen

< Terug naar overzicht van deze nieuwsbrief

12 mei 2017

Alle soorten Duivelsroggen op CITES

Duivelsrog

Tijdens de 17de Conferentie van de Partijen (CoP17), die afgelopen najaar plaatsvond, is besloten dat alle soorten Duivelsroggen (Mobula spp.) worden opgenomen op CITES Appendix II. Het besluit is van kracht geworden op 4 april 2017. Dit betekent dat vanaf die datum de internationale handel in alle soorten Duivelsroggen onder strikte controle van CITES valt.

Het belang van CITES voor de visserij werd onlangs nog benadrukt op een recent gehouden event van UNCTAD en FAO. Lees meer op Facebook en CITES.org.

Vergunningen voor Beaucarnea uitsluitend nog op soortniveau

Beaucarnea

Om de mogelijkheid van illegale handel in specimens van de soorten Beaucarnea tegen te gaan, moeten vergunningen voor Beaucarnea spp. worden aangevraagd en afgegeven op soortniveau. Hiervan wordt alleen afgeweken als er bij de CoP is besloten dat er met spp. afgegeven mag worden. Sinds dit jaar is het genus Beaucarnea opgenomen op CITES. Begin dit jaar werden door de uitvoerende landen nog vergunningen afgegeven met vermelding van Beaucarnea spp. Afgesproken is dat vanaf 17 maart 2017 de soort al op de uitvoervergunning specifiek vermeld moet staan. Is dit niet het geval, dan kunnen wij de uitvoervergunning niet accepteren en geen invoervergunning afgeven.

Hoe werkt de soortenlijst?

Hieronder leest u meer over de soortenlijst: hoe werkt deze en hoe vindt u uitzonderingen voor CITES in de lijst.

Soortenlijst: vier Bijlagen
De soortenlijst (Verordening (EU) Nr. 2017/160) geeft aan welke soorten er allemaal beschermd zijn door CITES en noemt de beschermde soorten in vier bijlagen: Bijlagen A tot en met D . Aan het begin van de soortenlijst staat een bijlage met informatie over de interpretatie van de Bijlagen A, B, C en D en uitleg over de gebruikte afkortingen en tekens. Hier worden ook de uitzonderingen genoemd die niet onder de bepalingen van CITES vallen.

Hoe staan uitzonderingen in de soortenlijst?
Staat een soort in de soortenlijst? Dan betekent dit in principe dat ook alle delen en producten van die soort beschermd zijn, tenzij hier een uitzondering voor gemaakt is. Deze uitzonderingen worden beschreven in annotaties (verwijzingen).

Achter een soortnaam in de lijst staat een verwijzing naar één van de uitzonderingen. Deze verwijzing begint altijd met een #, gevolgd door een cijfer. De uitzonderingen vindt u in de bijlage aan het begin van de soortenlijst, onder punt 11.

Voorbeelden uitzondering: urine, feces en grijze amber vrijgesteld
Enkele van deze uitgezonderde producten zijn urine, feces en grijze amber. Grijze amber is een excretieproduct van potvissen. Deze producten vallen dus niet onder de bepalingen van de Verordening. Als voorwaarde is gesteld dat de producten zonder dwang of manipulatie van het dier zijn verkregen.

Meer informatie in voetnoten in Bijlagen
Er kunnen ook nog voetnoten achter een soortnaam in Bijlage A, B of C staan. Deze voetnoten vindt u aan het einde van de soortenlijst, maar vóór de lijst met soorten die zijn opgenomen in Bijlage D. In deze voetnoten staat meer informatie over de bescherming van de soort. Bijvoorbeeld welke populaties zijn opgenomen in de Bijlagen bij de Verordening en welke populaties zijn uitgezonderd.

Voorbeeld
In de soortenlijst is de hele familie van de cactussen als volgt opgenomen in Bijlage B:

CACTACEAE spp. (II) (Met uitzondering van de in bijlage A opgenomen species en Pereskia spp., Pereskiopsis spp. en Quiabentia spp.) (8) #4

Achter de soort CACTACEAE spp. staat annotatie #4. De annotatie verwijst naar punt 11 van de bijlage bij de soortenlijst, onderdeel #4. Dus alleen onderdeel #4 van annotatie 11 geldt voor deze familie. In deze annotatie staat vervolgens beschreven dat alle delen en producten van cactussen zijn beschermd, met uitzondering van bijvoorbeeld zaden, sporen en pollen.
De voetnoot (8) verwijst naar de voetnoten achterin de soortenlijst. Hierin staan bijvoorbeeld de hybriden waarvoor de Verordening niet geldt.  

1)  Let op: in de soortenlijst wordt de specifieke soort niet vermeld als bijvoorbeeld de hele familie of genus van de soort in de lijst is opgenomen. Kijk onder welke familie, orde of genus uw soort valt op: http://www.speciesplus.net.

 

Tips voor het indienen van een volledige aanvraag voor een EU-certificaat

Schildpad

Gemiddeld ontvangen wij 3.000 a 4.000 aanvragen voor EU-certificaten per jaar. Helaas zijn deze aanvragen niet altijd volledig. Hierdoor neemt de aanvraagprocedure voor u meer tijd in beslag. U verwacht het gewenste EU-certificaat en in plaats daarvan ontvangt u van ons een brief om aanvullingen op te sturen. Om dit te voorkomen, vindt u hieronder een aantal tips om uw aanvraag zo volledig mogelijk in te dienen:

Algemeen
Voor het vervangen van een EU-certificaat, bijvoorbeeld omdat het dier is overleden, moet u het originele, te vervangen document met uw aanvraag meesturen. Er mag namelijk maar één document per dier in omloop zijn. Dit betekent dat wij pas een vervangend document kunnen afgeven, als u het oude document heeft opgestuurd.

Wilt u een transactie-specifiek certificaat laten vervangen omdat u het dier wilt overdragen aan
iemand anders? Stuur naast het originele, te vervangen document ook documenten mee waaruit blijkt van wie u het dier toen heeft overgenomen. Bijvoorbeeld een kopie van uw bijgewerkte administratie.

Wilt u EU-certificaten van dieren die u zelf heeft gefokt? Dan moet u de kopieën van de EU-certificaten (of invoervergunningen) of eventueel een kopie van de bezitsontheffing van de ouders meesturen. Hebben uw ouderdieren (nog) geen EU-certificaten? Stuur dan een
bijgewerkte kopie van uw administratie mee, waarin u aangeeft wie de ouderdieren zijn.

Wilt u EU-certificaten aanvragen voor nakomelingen, maar is niet precies bekend wie de ouderdieren zijn omdat u ze in een fokgroep houdt? Stuur naast kopieën van de EU-certificaten, invoervergunningen en/of uw bezitsontheffing ook een kopie van uw bijgewerkte administratie mee, waarin u aangeeft wie de mogelijke ouderdieren zijn.

Vermeld altijd het volledige merkteken van het dier. Voor gefokte vogels is dit in principe het nummer van de naadloos gesloten pootring. Voor alle andere dieren is dit het nummer van de microchip. Heeft uw dier nog geen merkteken, geef dan aan waarom dit nog niet is gebeurd.

Wilt u een dier met oorsprong W (afkomstig uit het wild), F (geboren uit wilde ouders) of van onbekende oorsprong (oorsprong U) overdragen aan iemand anders? Geef dan duidelijk aan wie de toekomstige eigenaar van het dier wordt. Stuur zo nodig een kopie van de bezitsontheffing van deze persoon mee. Mocht de toekomstige eigenaar geen bezitsontheffing hebben, laat hem/haar deze dan tegelijkertijd aanvragen en vermeld dit duidelijk bij uw aanvraag.

Aandachtspunten voor schildpadden
Vraagt u EU-certificaten aan voor ongemerkte schildpadden? Geeft u dan ook het gewicht van de
schildpadden op. De stelregel is dat schildpadden bij een gewicht vanaf 500 gram veilig een microchip kunnen krijgen. Ongemerkte schildpadden krijgen een transactie-specifiek certificaat, dat geldig is voor de overdracht van u aan een ander persoon. Gefokte schildpadden met een microchip komen in aanmerking voor een specimen-specifiek certificaat, dat geldig is voor meerdere overdrachten.

Colofon

Telefoon
Heeft u vragen over deze nieuwsbrief of over CITES?
U kunt ons op werkdagen bellen tussen 8.30 en 17:00 uur: 088 – 042 42 42
Ook wanneer u vanuit het buitenland belt.

Opdrachtgever
De CITES-overeenkomst wordt in Nederland uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Daarmee levert Nederland een bijdrage aan het behoud van biodiversiteit.

E-mail
Voor al uw vragen en opmerkingen over het elektronisch aanvragen, ga naar mijn.rvo.nl/contactformulier
Voor inhoudelijke vragen stuurt u een e-mail naar: cites@rvo.nl
 
Aanmelden
Wilt u deze nieuwsbrief voortaan ook zelf ontvangen?
Meld u dan hier aan.