Archief Nieuwsbrieven
Samenwerking tussen omroep en cultuur
In Kunst van Leven werd de belangrijke rol van ‘de grootste culturele instelling in ons land’ aan de Publieke Omroep toegeschreven en werd opgeroepen tot samenwerking met de culturele sector. Doordat de Publieke Omroep een podium biedt aan uiteenlopende culturele uitingen, ontstaat een laagdrempelige stroom van toegang tot kunst en cultuur voor iedereen. De gidsfunctie van de publieke omroep informeert mensen over het actuele culturele aanbod, waardoor meer mensen naar festivals, exposities, concerten, filmvertoningen en andere culturele uitingen gaan. Kortom: “De Publieke Omroep levert een waardevolle bijdrage aan een bloeiend cultureel leven” en dit moeten we bevorderen.
Terugkerende vraagstukken
Naar aanleiding van de oproep uit Kunst van Leven organiseerden de Publieke Omroep, het Ministerie van OCW en de Cultuurformatie in 2008 een eerste werkconferentie over de samenwerking tussen omroep en de culturele sector. In deze bijeenkomst werden drempels en struikelblokken voor samenwerking benoemd. Het risico op concurrentievervalsing, sponsoring en het vastlopen van samenwerkingsverbanden door rechtenproblemen bleken terugkerende vraagstukken. Daarnaast kwam aan het licht dat beide partijen zich meer open zouden moeten stellen voor kansen die nieuwe media bieden en meer rekening moeten houden met elkaars belangen.
Beleid verduidelijken
Om tegemoet te komen aan de vragen, zegde de minister toe het beleid op dit terrein te gaan verduidelijken. De uitwerking daarvan legde hij neer bij het Commissariaat voor de Media. In 2009 lichtte het Commissariaat voor de Media de mogelijkheden voor samenwerking toe in de brief ‘samenwerking publieke omroep - culturele instellingen’, waarin de mediawet en -regelgeving tegen het licht wordt gehouden en verduidelijkt. Ook verscheen in december 2009 de brochure ‘publiek private samenwerking’ waarin aan de hand van casussen spelregels worden toegelicht.
Balans opmaken
Inmiddels is het 2010; tijd om de balans op te maken. Is de samenwerking verbeterd en geïntensiveerd? Of is er nog steeds veel werk aan de winkel? Deze vragen stonden centraal tijdens de tweede werkconferentie ‘Omroep en Cultuur’ op 27 april in Amsterdam. De bijeenkomst (georganiseerd door de NPO, de Cultuurformatie en het Ministerie van OCW) werd bijgewoond door mensen die binnen de omroepen of in het culturele veld betrokken zijn bij het uitdenken en uitvoeren van samenwerkingsprojecten.
Ideeën ontwikkelen
Vanuit het Ministerie van OCW waren Monique Vogelzang (DK) en Marjan Hammersma (MLB) aanwezig. In hun aftrap van de werkconferentie benadrukten zij dat “De Mediawet niet het enige obstakel is in de samenwerking. De regelgeving is niet statisch en de interpretatie ervan verandert onder invloed van nieuwe ontwikkelingen.” Zij drukten de aanwezigen op het hart om ideeën die er zijn te ontwikkelen en daar vervolgens over in gesprek te gaan met het Commissariaat voor de Media. “Er is vaak meer mogelijk dan je denkt. Juist nu de subsidies voor omroep en cultuur onder vuur liggen, is het van belang de krachten te bundelen en het maatschappelijk draagvak te vergroten. Voor de culturele sector blijft de televisie een belangrijke etalage en hoeder van het cultureel erfgoed. Andersom kan de cultuursector de televisieprogrammering verrijken en specifieke publieksgroepen bereiken. Het is onze taak die samenwerking binnen de wettelijke mogelijkheden te stimuleren. Daar waar wij vaststellen dat er fricties zijn, kunnen wij kijken waar het beleid te verbeteren valt.”
Samenwerkingsmogelijkheden
Madeleine de Cock Buning (commissaris van het Commissariaat voor de Media) gaf tijdens de werkconferentie een snelcursus mediarecht. Hierin behandelde zij onder andere de recente verruiming van de samenwerkingsmogelijkheden tussen publieke media en culturele instellingen, waarbij een gelijkwaardige vorm van crossmediale samenwerking niet wordt aangemerkt als sponsoring of nevenactiviteit. In die gevallen is een toets op relatie kostendekkendheid en marktconformiteit niet nodig. De omroep moet bij aanvang aangeven dat sprake is van een gelijkwaardige samenwerking waarbij zorgvuldig is omgegaan met belangen van derden. Na drie jaar volgt de evaluatie door het CvdM die beoordeelt of nog steeds sprake is van gelijkwaardige samenwerking of dat deze alsnog als sponsoring dan wel als nevenactiviteit moet worden aangemerkt.
Casussen
Aan de hand van drie casussen werd de balans opgemaakt over samenwerkingsprojecten tussen omroep en cultuur. De eerste casus betrof een samenwerkingsproject tussen de AVRO en het Nederlands Uitburo voor de ‘Cultuurgids+’. AVRO en Uitburo willen audiovisueel materiaal van kunstuitingen van zowel omroep, als culturele instellingen digitaal toegankelijk maken voor een breed publiek en koppelen aan de actuele cultuuragenda. In de tweede casus kwam een initiatief van Radio 4 in samenwerking met de Nederlandse orkesten en ensembles aan de orde. Er zijn plannen voor de start van een Virtueel Muziekhuis. Het idee is om content on demand streaming aan te bieden en via een beveiligde download tijdelijk ‘uit te lenen’. De derde casus onthulde het plan van het Nationaal Historisch Museum en Het Klokhuis om samen een audiovisuele Canon van Nederland te produceren. Het gaat om 50 Klokhuisafleveringen die worden gebruikt als educatieve toepassing van of vertoning in het nieuwe gebouw van het Nationaal Historisch Museum.
Discussie
Een belangrijke steeds terugkerende kwestie is het onderscheid dat bij het Commissariaat wordt gemaakt tussen de verschillende mogelijkheden van gelijkwaardige- en niet gelijkwaardige samenwerking (sponsoring en nevenactiviteit). Dit maakt het in de ogen van omroepen en de culturele sector complex. Bij de start van een project is vaak niet duidelijk hoe de samenwerkingsvorm zich ontwikkelt. Dit kan pas na drie jaar worden vastgesteld en levert risico op een boete. Madeleine de Cock Buning nodigt uit met het Commissariaat van gedachten te wisselen en gezamenlijk tot een aanvaardbare oplossing te komen.
Daarnaast spelen de auteursrechten. De een ziet kansen in overleg met auteursrechtenorganisaties als Buma. Anderen zijn van mening dat directies hierover ‘beter moeten dealen met hun artiesten’. Het Commissariaat geeft aan dat ook de auteursrechten van met publieke middelen betaalde concerten of registraties nu eenmaal bij de makers liggen. Hier kan je niet om rechten heen. Ze oppert dat OCW wél zou kunnen bemiddelen.
Uitkomst
Madeleine de Cock Buning liet tijdens de werkconferentie verschillende keren blijken dat het Commissariaat er voor open staat met partijen in gesprek te gaan over de oplossingen en mogelijkheden voor samenwerking tussen omroep en cultuur. Bert Holvast van de Cultuurformatie benadrukte op zijn beurt de hete aardappel niet bij OCW te leggen, maar adviseerde zelf met Buma en de brancheorganisaties tot afspraken over de auteursrechten te komen. OCW zal de ontwikkelingen blijven volgen en discussies daarover zonodig blijven organiseren. Wellicht leidt dit in de toekomst tot aanpassing van het beleid en/of de wetgeving. Nieuwe ontwikkelingen op het gebied van media zullen tijdens deze discussies in ieder geval een belangrijke rol moeten spelen.
Verdere informatie:
Voor het volledig verslag van de werkconferentie verwijs ik u naar de website van Cultuurformatie.
